Kumpulan

foto: Nico Kat

De Kumpulan is moderner geworden

Iedere woensdag komt er in de Salon van woon-, zorg- en dienstencentrum Zonnehof een groep mensen bij elkaar die allemaal afkomstig zijn uit Nederlands Indië. Dan wordt er de ‘Orang Tua’ georganiseerd, dat betekent letterlijk bijeenkomst voor de oudere mens en dat is nu precies wat het is. “Het is een dagopvang voor Indische ouderen, van tien tot vier uur. Hier kunnen zij herinneringen ophalen aan dingen uit hun jonge jaren, met mensen die hetzelfde herkennen”, aldus organisatrice Wilma van het Hullenaar.

Veel Indische mensen kwamen naar Nederland toen ze ongeveer twintig, dertig of veertig jaar waren. Veel van de bezoekers hebben dus soortgelijke dingen op dezelfde manier meegemaakt. De deelnemers van de Kumpulan zien elkaar dan ook vaak als lotgenoten, de autochtone Nederlanders hebben andere herinneringen. “Deze mensen hebben een totaal andere levenswijze die ze nog kennen, als je alleen al kijkt naar de eetcultuur, ze eten graag met velen en hier eten we bijna elke week echt Indisch. Slecht eenmaal in de zes weken zijn er aardappels voor de afwisseling, anders altijd rijst”, legt Wilma uit.

Gedurende de dag zijn er twee beroeps krachten aanwezig, deze professionele krachten zijn gecertificeerd om de zorg van de bezoekers op zich te nemen. “Er is echter één beroepskracht die zich enkel bezighoudt met het koken van het Indische eten en de ander die zich vooral laat gelden bij de bezoekers, voor de overige werkzaamheden worden wij bijgestaan door vrijwilligers”, aldus Wilma.

Het is niet zo dat je in Zonnehof moet wonen om de Kumpulan te mogen bezoeken. “De meeste bezoekers komen wonen hier wel in Tilburg, maar er is één meneer die komt wekelijks helemaal uit Hilvarenbeek en een mevrouw die is afkomstig uit Breda, die komt samen met haar dochter. Maar die laatste komt om de week”, licht Wilma toe.

Het hoofddoel is dat de gasten hun verhalen kunnen delen met mensen die hun begrijpen. Er komen ook nog anderen zaken bij kijken: “De mensen hier zijn niet meer in staat om elkaar thuis te ontvangen, dat wordt vaak gezien als teveel gedoe. Hier kunnen ze elkaar blijven ontmoeten en zo blijven vriendschappen in stand.”

Ook hoeven de kinderen op zo’n dag waarop de ouders naar de Kumpulan gaan even niet te zorgen. Ze weten dat vader of moeder veilig is en dan kunnen ze iets voor hunzelf doen, want de zorg is vaak toch zwaar. Ook dat is vanuit de cultuur; de familie blijft vaak voor elkaar zorgen in de thuissituatie.

Deze activiteit wordt al meer dan vijfentwintig jaar gehouden. Door de jaren heen is de activiteit wel heel erg verandert: “Vroeger was het veel meer een soort van vrije inloop, dat wil niet zeggen dat je zomaar binnen kon komen, je moest je wel opgeven en dan betaalde je tien gulden en dat registreerden wij voor de belasting van de gemeente enzovoort. Inmiddels is het een echte dagbesteding waarvoor een WMO-indicatie van de gemeente voor vereist is voor tenminste twee dagdelen en kan er ook zorg verleend worden, je merkt dat mensen die nog steeds thuis wonen, wel steeds meer gaan mankeren. Het is veel meer van deze tijd geworden.” De mensen die de Kumpulan willen gaan bezoeken kunnen een verwijzing aanvragen via ‘Toegang West’ of ze kunnen de wijk-verpleegkundigen raadplegen.

Bij de Kumpulan worden alle reguliere feestdagen gevierd en eens in de zoveel tijd is er een bingo. “Wij zijn nog heel erg op zoek naar een gitarist of pianist die een middag muziek wil maken. Zodat de bezoekers de liedjes van vroeger weer eens horen en mee kunnen zingen”, vraagt Wilma. Tijdens alle bijeenkomsten zijn er wel de echte Indische klanken te horen, maar nu uit een stereotoren.